Collegeprogramma

Direct downloaden? Download het collegeprogramma in het Nederlands of in het Frysk onderaan de pagina.

In het Coalitieakkoord wordt uitgegaan van een gemeente die daadkracht uitstraalt en die dicht bij inwoners, maatschappelijke groeperingen en bedrijfsleven staat. Op diverse plaatsen staat ook (in verschillende bewoordingen) dat de gemeentelijke overheid moet "loslaten" in plaats van voorschrijven. En dat aan de individuele burger en het maatschappelijk middenveld vertrouwen moet worden gegeven. Deze uitgangspunten sporen met de eerder vastgestelde en breed ondersteunde visie voor De Friese Meren en de op basis daarvan omschreven bestuursstijl.

Het worden spannende tijden voor de gemeente. We staan voor omvangrijke bezuinigingen die alleen kunnen worden gerealiseerd als er scherpe keuzes worden gemaakt. Tegelijk willen we met minder mensen op alle onderdelen tenminste een kwaliteitsniveau dat past bij een 50.000+ gemeente. Er moet nog veel worden geharmoniseerd en we moeten in brede zin een nieuw evenwicht zoeken in de relatie tussen lokale overheid en burger. En dat in een tijd waarin wel helder is dat we nieuwe taken krijgen, maar nog onduidelijk is met welke middelen we dat moeten doen. En waarin de omvang van de gemeentelijke organisatie zal krimpen.

Voor het omgaan met al deze aspecten bestaat geen voorgeschreven route en geen spoorboekje. Het is een gezamenlijke zoektocht van gemeente en samenleving. Een zoektocht waarin we moeten durven experimenteren. Een zoektocht óók waarbij we - ondanks al die veranderende omgevingsaspecten - wel moeten blijven uitgaan van een heldere basis: organen met hun wettelijke taken en het uitgangspunt dat we niet meer geld kunnen uitgeven dan er binnenkomt. En dát in de wetenschap dat wat er aan geld binnenkomt in belangrijke mate elders wordt bepaald. Daarom hechten we aan een strakke planning en control-cyclus. Dat is tevens basis waarop we – gemeenteraad en college - in algemene zin aan de (voortgang van) de ontwikkelingen aandacht schenken.

Dagelijks bestuur

De algemene uitgangspunten zijn van betekenis voor de manier waarop de gemeentelijke organen hun rol invullen. De rol van het college is, samengevat, die van gemeentebestuur. Dat betekent dat we reeksen dagelijkse beslissingen nemen, op tal van terreinen. Vaak op basis van wetten, soms op basis van gemeentelijke regels en voor het overige in beginsel binnen de grenzen van vastgesteld beleid en vastgestelde kaders. Als het college de meer regisserende, ondersteunende en facilitaire rol wil spelen, zoals die in het coalitieakkoord is beschreven, dan heeft dat consequenties voor de uitvoering van al die dagelijks bestuurstaken.

Verantwoordelijkheden

De uitvoering van het gros van die bestuurstaken ligt bij de gemeentelijke organisatie. Dat past ook bij de schaal die de gemeente heeft. We kozen er daarom voor bevoegdheden stevig de mandateren. We gaan daarbij uit van vertrouwen in de professionals in onze organisatie. Medewerkers krijgen van ons de ruimte te beslissen en te handelen. We accepteren het daarmee verbonden risico dat we -achteraf oordelend - in een individueel geval een oplossing minder gelukkig achten. In een open verhouding met de organisatie spreken we daarover en leren we daarvan. Dat geldt voor het omvangrijke pakket directe dienstverlening, maar ook voor beleidsproducten.

Zo ontstaat ruimte om samen met het maatschappelijk middenveld en met individuele burgers in contact te zijn. In contact te zijn over wensen, voornemens, hun en onze plannen en mogelijke verbindingen. Het is evident dat het niet mogelijk zal zijn het daarbij een ieder naar de zin te maken. In een aantal gevallen moet de lokale overheid, of dat nu een medewerker, de burgemeester, het college of de raad is, een knoop doorhakken.

Ook menen we dat de lokale overheid meer moet zijn dan een optelsom van wensen. Soms is het nodig onaantrekkelijke maar wel noodzakelijke keuzes voor de langere termijn te maken. Participatie en leiderschap gaan samen, maar niet altijd op hetzelfde moment. Voor het eerste is soepelheid nodig van ons allen en voor het tweede lef. In de organisatie, die een jaar eerder is gefuseerd dan de bestuurlijke onderdelen van de drie gemeenten, zijn deze twee elementen geformuleerd als belangrijke uitgangspunten voor het handelen van onze medewerkers. We sluiten ons daar graag bij aan.

Ruimte voor anders besturen

In de rol zoals we die met zijn allen gewend zijn, voert de gemeente regels uit, worden er plannen voorbereid en uitgevoerd en organiseren we tal van concrete diensten. Dat is ook de manier waarop het systeem in de volle breedte is ingericht. De gemeenschappelijke opgave is, om in de lijn van de maatschappelijke tendens (en de tekst van het Coalitieakkoord), anders te besturen zonder met het badwater ook het kind weg te gooien. En dat binnen het bestaande systeem, dat immers niet in een handomdraai veranderd kan worden. We werken dat hieronder globaal uit.

Eigen voornemens versus loslaten

In dit programma kondigen we tal van concrete voornemens aan. Tegelijk zou het kunnen zijn dat samenspraak met burgers en organisaties ertoe leidt dat het anders loopt. Het niet halen van de planning bijvoorbeeld is er een. Maar als we echt loslaten en overlaten, kan het zijn dat we moeten vaststellen dat onze huidige voornemens moeten worden vervangen door een andere aanpak. Plannen enerzijds  en serieuze ruimte voor betrokkenen anderzijds sluiten een tegenstelling in. Het blijft daarom van belang hierover met alle betrokkenen in gesprek te blijven.

Dat is geen reden elke vorm van planning daarom los te laten. We menen wel dat de gemeente alleen een volwaardige gesprekspartner op basis van gelijkwaardigheid kan zijn als we onze basis op orde hebben. Dat betekent voor ons dat de kwaliteit van financiële cyclus en de set regels en voorwaarden, die samenhangen met de beheersing van onze portemonnee, niet ter discussie kunnen staan (de inhoud ervan wel overigens). Anders gezegd: een gezonde financiële huishouding is de basis voor ons functioneren.

Maar, zoals gezegd, voor het overige is de invulling van concrete voornemens wat ons betreft voor wijziging vatbaar als de voorrang voor dialoog en overlaten daadwerkelijk prevaleert boven voorschrijven en bepalen.

Aandacht en ontwikkeling

Loslaten betekent wat voor de houding van onze medewerkers, voor de manier waarop wij onze tijd besteden en voor de wijze waarop de raad zijn taak invult. Immers: bij een grotere rol voor inwoners en andere partners past een meer terughoudende, andersoortige rol voor de gemeentelijke bestuursorganen en medewerkers. Wij zien het als onze opgave de dilemma's bij dit soort veranderingen steeds weer aan de orde te stellen. De gemeentelijke organisatie is inmiddels gestart met een proces, waarin de drie kernwaarden (samenwerking, klantgericht en resultaatgericht) tegen deze achtergrond nadrukkelijk aandacht krijgen.

Het zal nodig zijn om ons in brede zin, op allerlei momenten, een spiegel voor te houden. We noemen hier enkele uitdagingen:

  • Wij zijn bereid lastige keuzes en dilemma's openlijk te delen met de samenleving;
  • We betrekken burgers bij plannen vanaf het begin en accepteren daarbij gezamenlijk dat processen wel eens anders lopen dan gepland;
  • Wij geven op eenduidige wijze vorm aan de ontwikkeling van sturing naar ontwikkeling met gelijkwaardige partners;
  • We zijn bereid regels en procedures echt te versimpelen om initiatieven mogelijk te maken. We accepteren daarbij ook verschillen in aanpak;
  • We komen los van details en controle en zetten in op ontwikkeling met inwoners;
  • Het zijn vooral deze uitdagingen die de komende tijd het decor vormen van de diverse plannen en voornemens in dit programma.

Tenslotte

Uitdagend? Ja. Spannend? Dat ook.

We zien ons collegeprogramma als een raamwerk. Een verzameling concrete voornemens die we, naast allerlei andere taken, waar mogelijk willen aanpakken op basis van de hiervoor omschreven uitgangspunten. En dat kan alleen als alle betrokkenen zich daaraan committeren.