Het plaagdier zorgt voor zóveel klachten, dat het bekendstaat als de ‘terrorrups’: de eikenprocessierups. Naar schatting zijn er inmiddels honderden miljoenen in Nederland. Ook in De Fryske marren is de overlast groot. De gemeente zet zich in om dit probleem te bestrijden, het liefst samen met inwoners.

Zie je een rood-wit lint om een boom hangen, dan kun je er maar beter bij uit de buurt blijven. De kans is groot dat het gaat om een waarschuwing voor de eikenprocessierups. Zo’n waarschuwing is niet voor niets: de brandhaartjes van deze rups zweven door de lucht – soms wel honderd meter ver – en veroorzaken bij mensen en dieren irritatie aan de huid, ogen en luchtwegen. De huidirritatie leidt vaak tot blaren, die doen denken aan brandblaren. In zeldzame gevallen kan een allergische reactie optreden.

Steeds meer overlast

De eikenprocessierups dankt zijn naam deels aan de typische manier waarop hij beweegt; een soort ‘processieloopje’. Zoals de naam verder al doet vermoeden, vind je het dier alleen op eikenbomen. De eikenprocessievlinder zet daar grote clusters met eitjes af, die normaal gesproken uitkomen in april of mei. Tegenwoordig hebben we in ons land als gevolg van de klimaatverandering te maken met hogere temperaturen. Dit zorgt ervoor dat de eitjes eerder uitkomen. In combinatie met het feit dat de eik hier een veelvoorkomende boomsoort is, veroorzaakt dat steeds vaker een plaag. In 2019 was de overlast in Nederland drie keer zo groot als in het jaar ervoor. Tienduizenden mensen meldden zich toen met irritaties aan de huid, ogen en longen bij artsen en ziekenhuizen.

Gespecialiseerde boomverzorgers

In De Fryske Marren zijn het de wijkbeheerders die de rupsen opsporen. In het voorjaar controleren ze meer dan 12.000 eiken. Ontdekken zij een nest, dan hangen ze een waarschuwingslint om de boom. Het bestrijden van de eikenprocessierups besteedt de gemeente uit aan gespecialiseerde boomverzorgers, die de nesten meestal weghalen met een soort stofzuiger. “Als een van de weinige gemeenten in Nederland richten wij ons daarbij niet alleen op de openbare ruimte”, vertelt Ronald Stegink, beleidsmedewerker ruimtelijk beheer. “Ook nesten op bomen van particulieren laten we verwijderen. We gaan zo grondig mogelijk te werk.” Zien inwoners een nest op een boom in hun tuin, of hebben ze het vermoeden daarvan, dan kunnen ze dat melden bij de gemeente. Bedrijven zijn wel zelf verantwoordelijk voor het inschakelen van bestrijdingsspecialisten.

Natuurlijke vijanden

Nog beter dan het bestrijden van de eikenprocessierups, is het voorkómen van zo’n plaag. Daarvoor is eenvoudig hulp in te roepen. De rups heeft namelijk een aantal natuurlijke vijanden onder de vogels en insecten. De gemeente wil daarom de biodiversiteit in De Fryske Marren bevorderen. Dit doet zij onder andere door bermen en gazons in te zaaien met bloemrijke mengsels (met streekeigen zaden), die aantrekkelijk zijn voor insecten. “We werken met vogelwerkgroepen samen om bepaalde vogelsoorten in onze gemeente te stimuleren”, zegt wethouder Irona Groeneveld.

“Maar we komen pas echt ergens, als we dit probleem met z’n állen aanpakken. Ik doe daarom een oproep aan inwoners van De Fryske Marren: richt je tuin vriendelijk in voor onze bondgenoten. Oftewel, zet nestkastjes neer voor vogels en plant meer bloemen voor insecten. Nog een voordeel: je tuin bruist straks van het leven.”